Geld schenken aan je kleinkinderen? Denk aan deze 6 tips

schenken aan kleinkind

Steeds vaker willen grootouders ook op financieel gebied hun steentje bijdragen met bijvoorbeeld schenken aan kleinkinderen. Mocht jij dat nu ook willen, vergeet dan niet om rekening te houden met een aantal belangrijke zaken, met name op het gebied van de Belastingdienst. Hieronder vind je de zes belangrijkste zaken waar je rekening mee moet houden als je een schenking aan je kleinkinderen wil doen.

1. De kosten van een schenking

Bij grote geldbedragen bestaat de kans dat de ontvanger van de gift schenkbelasting moet betalen. Hierdoor kost een gift dus gewoon geld. Gelukkig geldt dit niet voor iedere schenking. Je bent vrij om je kleinkinderen tot 2000 euro per jaar te schenken zonder belasting te hoeven betalen. Ben je getrouwd, dan is deze gift gezamenlijk. Ben je gescheiden van de partner die de andere grootouder is, dan mogen jullie beide 2000 euro schenken.

Daarnaast is het ook mogelijk om in één keer een schenking te doen van 103 duizend euro, mocht je kleinkind het geld willen gebruiken voor de eigen woning, zoals een aankoop of verbouwing. De enige voorwaarde hieraan is dat de ontvanger op het moment van schenken tussen de 18 en 40 jaar moet zijn.

Als je meer geld wilt schenken dan het belastingvrije bedrag, dan moet er een percentage betaald worden over het bedrag boven de vrijstelling. Dit percentage is 18 procent tot een bedrag van 126 duizend euro en 36 procent voor het bedrag daarboven. Dit bedrag moet vóór 1 maart het jaar erop aangegeven worden bij de Belastingdienst. Dit hoeft niet gedaan te worden als de schenking onder de vrijstelling blijft.

2. Belasting over het totale inkomen

Naast schenkbelasting kan de Belastingdienst ook inkomstenbelasting eisen over het geschonken geld. Dit komt omdat de gift wordt bijgeteld bij het belastbaar inkomen van het kind. Tot een bedrag van 50 duizend euro hoeft iemand geen belasting te betalen, maar dit moet bij de aangifte wel aangegeven worden in Box 3. Mocht je kleinkind nog minderjarig zijn en daarom nog geen belasting te hoeven betalen, dan wordt het geld gerekend over het inkomen van de ouders. Beide ouders worden voor de helft belast, of deze nu samen of uit elkaar zijn, zolang ze nog steeds ouderlijk gezag hebben.

3. Maak gebruik van toeslagen en uitkeringen

Je kunt toeslagen gebruiken om het belastbare inkomen van je schenking te verlagen, waardoor er minder of helemaal geen belasting over de gift betaald hoeft te worden. Enkele voorbeelden van dit soort toeslagen zijn de huurtoeslag, de zorgtoeslag en het kindgebonden budget. Let wel, de laatstgenoemde toeslag vervalt als het inkomen van het kind te hoog wordt.

Daarnaast kun je meer geld belastingvrij schenken als de ontvanger in de bijstand zit. Deze vrijstelling is wel beperkt. Tot slot geldt een vermogenstoets om de belastingen te kunnen verlagen. Deze toets is niet van toepassing als je kleinkind een studiefinanciering ontvangt wegens een studie op hbo-niveau of aan de universiteit.

4. Behoud van zeggenschap

Als je geld wil schenken aan een minderjarig kleinkind, dan behouden de ouders in de meeste gevallen de zeggenschap over de gift. Het geld wordt dan door de ouders bewaard en op het moment dat je kleinkind 18 jaar wordt krijg deze dan toegang tot het geschonken geld.

Mocht je nu niet willen dat je kleinkind op zijn of haar 18de al direct al het geschonken geld in handen krijgt, dan kan er ook voor gekozen worden een bewindvoerder in te schakelen. Dit is een partij die het geld voor je kleinkind bewaard tot een zeker moment of een bepaalde leeftijd en zal in de tussentijd de zeggenschap behouden. Mocht je een bewindvoerder willen inzetten, dan moet dit al vanaf het moment dat je de eerste schenking wil doen. Achteraf is het niet meer mogelijk om dit af te spreken.

De bewindvoerder kan een externe partij zijn, maar je kunt er ook zelf voor kiezen bewindvoerder te spelen totdat de tijd rijp is. In de akte waar het bewind in wordt vastgesteld staat welke tijd dit is. Je kleinkind kan aanspraak maken op het geld na vijf jaar na de eerste schenking, mits deze meerderjarig is. Is het kind minderjarig en wil het aanspraak kunnen maken op het geld, dan moet de kantonrechter hier uitspraak over doen. Dit geldt bij zowel een spaarrekening als een gift in beleggingen.

5. De schenking exclusief houden

Er kan veel gebeuren in de periode dat je een schenking hebt gedaan. Zo kan je kleinkind zijn getrouwd, maar helaas ook weer moeten scheiden. Voor dit soort situaties is het aan te raden de schenking te doen met een uitsluitingsclausule. Hiermee blijft de schenking eigendom van je kleinkind, ook als deze bijvoorbeeld in gemeenschap van goederen is getrouwd. Deze clausule kan ook gebruikt worden voor een erfenis.

6. Meer vermogen opbouwen

Het mooiste van een bedrag aan je kleinkinderen schenken is dat dit bedrag met je kleinkind mee kan groeien. Het liefst wordt het geld daarom niet in één keer besteed, maar gebruikt om bijvoorbeeld investeringen mee te doen of meer vermogen op te bouwen. Je kunt er daarom ook voor kiezen om niet te kiezen voor een gewone spaarrekening, maar een effectendepot. Hiermee beleg je met het geschonken geld en kan je kleinkind zelf bepalen of hij of zij hiermee doorgaat of het geld (deels) gebruikt voor een grote aanbetaling of aflossing.

Voor jongeren kan beginnen met sparen of beleggen spannend of moeilijk zijn. Daarom bestaan er speciale beleggingsrekeningen die hulp kunnen bieden om op financieel vlak te kunnen groeien of te gebruiken voor bestedingen van grote projecten. Dit soort rekeningen kunnen zelfs al voor minderjarige kleinkinderen aangevraagd worden.